Prins
Bernhard
Stichting
         
 
 
 

Jaarrekening 2024


1. Voorwoord

Voor u ligt het jaarverslag 2024 van de Prins Bernhard Stichting (PBS), waarin een helder overzicht wordt gegeven van de geleverde steun aan veteranen in 2024 en dieper wordt ingegaan op de achtergrond van de steunaanvragen.

Het jaar 2024 is het derde jaar, waarin de maatschappelijke gevolgen van het internationale conflict in Oekraïne zich in de Nederlandse huishoudens lieten gelden met consequenties voor het besteedbare inkomen. De verwachting, dat de steunaanvragen in 2024 eerder zouden toenemen dan afnemen is gelukkig achterwege gebleven. Opnieuw is in 2024 een lichte daling waar te nemen in het aantal aanvragen, dat de stichting heeft bereikt. De daling van het aantal steunaanvragen naar 22 in het verslagjaar lijkt te onderschrijven dat minder behoefte bestaat aan steun, maar het is echt nog te vroeg voor die conclusie. Het enorme aantal vacatures binnen de krijgsmacht, dat zich vooral voordoet in de lagere militaire functies, lijkt een mogelijke reden van de daling. Een andere reden zou kunnen liggen in de proactieve aanpak die Defensie heeft ontwikkeld om de schuldenproblematiek te beheersen, o.a. door de inzet van budget coaches in zowel de preventieve als correctieve sfeer. Verdere aandacht aan schuldenproblematiek binnen Defensie is gewenst om dit onderwerp juist bespreekbaar te doen maken, zodat tijdig wordt voorkomen dat schulden uit de hand lopen.

Inkomsten van PBS zijn verkregen uit dividenden, rente en giften en vloeien voort uit de jaarlijkse verdeling van de ontvangen gelden van de Gezamenlijke Militaire Fondsen (GMF). Het bedrag varieert per jaar, afhankelijk van de opbrengsten zoals schenkingen en legaten en de terugbetalingen van de eerder verstrekte renteloze leningen. Dankbaar zijn wij voor de donatie, die is gedaan door het NRClezersfonds in 2024 om veteranen in financiële nood te ondersteunen.

Grote waarde hecht de PBS aan de samenwerking met de Stichting Nederlands Veteranen Instituut (NLVI), de Dienst Bedrijfsmaatschappelijk Werk Defensie (DBMW) en de Stichting Gezamenlijke Militaire Fondsen (GMF). Met 22 steunaanvragen van voornamelijk postactieven is opnieuw aangetoond dat de PBS een nuttige functie vervult in deze roerige tijden, maar dat tegelijkertijd alleen effectief en duurzaam kan worden opgetreden in samenwerking met de gezamenlijke militaire fondsen.

Voor de PBS zijn de uitgangspunten voor het bestaan van de stichting: de aanwezigheid van veteranen, die behoefte hebben aan financiële steunverlening, de beschikbaarheid van adequate financiën en een bestuur, dat in staat is de individuele aanvragen te beoordelen. Door recente en komende bestuurswisselingen is de samenstelling van het bestuur nu representatief voor de steeds jeugdiger leeftijd van veteranen, die een beroep doen op de PBS en in 2025 zal het bestuur van de Prins Bernhard Stichting zich met onverminderd enthousiasme inzetten voor onze veteranen in financiële nood.

Met vriendelijke groet,

G.M.J.H. Burema
Voorzitter PBS

 

2. Bestuur

Er hebben zich in 2024 twee wijzigingen in het voltallige bestuur van de Prins Bernhard Stichting voorgedaan. Sinds oktober 2024 is het Dagelijks Bestuur versterkt met dhr. G.H. Peters en dhr. S.B. Nahuijsen. Deze uitbreiding is gedaan met het oog op toekomstige functiewisselingen.

DAGELIJKS BESTUUR
Het Dagelijks Bestuur van de Prins Bernhard Stichting bestond op 31 december 2024 uit:

G.M.J.H. Burema
A.J. Wesselingh
A.R. van de Laar
M.A.W. Riemens
G. van Gorkum
I. Prinsen-Dekker
G.H. Peters
S.B. Nahuijsen
  voorzitter
vicevoorzitter
penningmeester
secretaris
lid
lid
lid (vanaf oktober 2024)
lid (vanaf oktober 2024)

ALGEMEEN BESTUUR
Het Algemeen Bestuur van de Prins Bernhard Stichting bestond op 31 december 2024 uit:

M. Houben-van Lanschot
A. Vos
B.W. Hopperus Buma
  lid
lid
lid

 

3. Bestuur verslag

Steunaanvragen
In 2024 zijn door het bestuur van de Prins Bernhard Stichting 22 steunaanvragen ontvangen en afgehandeld, op twee aanvragen in december na, die in 2025 zullen worden afgehandeld. Daarnaast zijn twee aanvragen van 2023 in 2024 afgerond. Op de steunaanvragen heeft de Prins Bernhard Stichting als volgt besloten:

a.  Afhandeling 24 steunaanvragen:
  • Elf (11) schenkingen
  • Aan zeven (7) verzoeken heeft PBS of niet deelgenomen of is een afwijzing gegeven op basis van de criteria die de stichting hanteert ter toetsing;
  • Twee (2) aanvragen behoefden aanvullende informatie en is afgesproken dat een nieuwe aanvraag zou worden ingediend. In beide gevallen is geen nieuwe aanvraag ontvangen.
  • Twee (2) december aanvragen zijn open blijven staan, voor afhandeling in 2025.
  • Er zijn geen renteloze leningen verstrekt in 2024.

b. In aanvulling op deze aanvragen in 2024 geldt:

  • Twee (2) aanvragen die in december 2023 zijn ingediend, zijn afgerond in 2024. Aan beide aanvragen heeft PBS besloten niet deel te nemen.

Overzicht incidentele aanvragen 2024 (met restant 2023)

  Incidentele aanvragen 2024 2023 Totaal (€)
2024 (met restant) Aantal Bedrag (€) Aantal Bedrag (€)
Totaal aanvragen   22   2    
Totaal afgewezen   7   2    
In behandeling
doorgeschoven naar 2025
  2        
Ingetrokken en nieuwe aanvraag zou worden ingediend   2        
Totaal toegekend   11   0    
Leningen   0   0    
Retour lening            
Schenkingen   11 4.710,00      
Totaal     4.710,00  

0,00

4.710,00

Het totaal aan schenkingen in 2024 bedraagt € 4.710,00 een afname van 65% t.o.v. 2023, waar € 8.380,00 meer werd uitgekeerd. Het totaal aan renteloze leningen is 0,00 een afname van 100% t.o.v. 2023.

Het jaar 2024 is het derde jaar van de Russische invasie in de Oekraïne. In 2020 was de verwachting, dat de Coronapandemie een aanzienlijke toename in aanvragen voor financiële steun ten gevolge zou hebben. Vervolgens was er de explosieve toename van energieprijzen in 2022-2024 door de oorlog, waardoor huishoudens in de problemen zouden kunnen komen. Dat is echter niet te zien in de aantallen of de hoogte van de bedragen van de aanvragen die in de afgelopen twee jaren zijn ontvangen. In 2024 is Defensie ook gestart met de inzet van budget coaches. Mogelijk dat deze systematiek heeft geleid tot beperking van het aantal financiële steunaanvragen in 2024.


Achtergrond steunaanvragen

Sinds 2021 heeft Defensie veel aandacht besteed aan de schuldenproblematiek van haar medewerkers. Met name door de inzet van budget coaches voor persoonlijke ondersteuning en begeleiding bij het oplossen van schuldenproblematiek van Defensiepersoneel op het gebied van zowel reactieve als preventieve schuldhulpverlening. Dit verklaart mogelijk het gegeven dat in 2024 geen steunaanvragen door tussenkomst van DBMW zijn ontvangen. Daarnaast is geconstateerd dat het aantal aanvragen voor financiële steun in 2024 nog verder is afgenomen.

In 2024 zijn vanuit het NLVI opnieuw een zestal kleine aanvragen - aanvragen tot €400,- ontvangen bij de PBS, waarop snelle financiële hulp mogelijk was. De besluitvorming kan hier sneller, omdat voor een dergelijk klein bedrag geen financieel overzicht benodigd is. Het aantal kleine aanvragen wordt door NLVI verdeeld over de drie fondsen te weten F 1815, KL 1940 en PBS.


Aandacht steunaanvragen 2024

Gebleken is in 2024, dat enkele aanvragen zoveel vragen opriepen, dat een besluit door het dagelijks bestuur niet zonder aanvullende informatie kon worden genomen. Vragen die werden opgeroepen waren gelegen in financiële overzichten, waarin schulden niet waren opgenomen, een hoog uitgavepatroon voor minder noodzakelijke zaken (bijvoorbeeld roken), onduidelijkheid over inkomsten, waaronder of er sprake is van partnerinkomsten of een militair invaliditeitspensioen. Van belang voor een fonds is dat wordt beschreven welke stappen al zijn onderzocht of gedaan met gemeente, ABP, budgetcoaches of schuldhulpmaatjes, bewindvoering, schuldsanering, inschrijving centraal register uitsluiting kansspelen (CRUKS).

Telkens weer is in de aanvragen te lezen hoe stressvol een marginale soms schrijnende financiële situatie is voor de aanvrager. Vaak staat dit een positief effect van de zorgbehandeling die wordt gevolgd in de weg.

PBS weegt af of en hoe de gevraagde financiële steun het probleem voor de aanvrager oplost. Als er sprake is van financiële nood en de financiële steun draagt bij aan het herstel van de veteraan, diens gezin of ex-partner, of een structurele oplossing biedt voor diens situatie. Om die reden wordt in eerste instantie contact gemaakt met de begeleidende maatschappelijk werker om aanvullende vragen beantwoord te krijgen. De uitgaven van PBS worden immers jaarlijks getoetst aan de criteria die zij hanteert voor het verstrekken van financiële hulp.

 

4. Financieel overzicht (verkort)

grafiek

Overzicht van het toegekende totaalbedrag aan financiële steun van 2014 - 2024

 

5. Vooruitblik

In 2025 zal de Prins Bernhard Stichting zich met onverminderd enthousiasme inzetten voor onze veteranen in financiële nood. De algemene indruk is dat de PBS hier nog immer een nuttige functie in vervult, maar dat tegelijkertijd alleen effectief en duurzaam kan worden geopereerd in samenwerking met de Gezamenlijke Militaire Fondsen.

De Prins Bernhard Stichting vertrouwt erop de soepele en prettige samenwerking met de fondsen aangesloten bij de GMF in 2025 voort te zetten. Helaas wijzen de voortekenen niet op een verbetering van maatschappelijke omstandigheden en internationale spanningen. Factoren als inflatie, hoge energierekeningen en woningtekort in het goedkopere segment werken vaak ook door in de toch al complexe problematiek van veteranen in (financiële) nood. De verwachting is dan ook dat de steunaanvragen ten minste gelijk – of slechts marginaal zullen dalen. Maar met de wetenschap van nu (maart 2025) over de situatie Oekraïne versus Rusland en de ophanden zijnde handelsoorlogen vanuit en met Amerika kan de situatie zomaar veranderen.

 

6. Financiële verantwoording

Balans per 31 december 2024 (na resultaatbestemming)

ACTIVA   2024 (€)   2023 (€)
Vaste activa  
     
   
Financiële vaste activa        45            45    
        45       45
Vlottende activa
               
Vorderingen
  2.200       753    
Effecten
  233.984       211.142    
Liquide middelen   29.323       31.741    
        265.507       243.636
Activa       265.553       243.681
       
PASSIVA   2024 (€)   2023 (€)
Stichtingsvermogen
               
Aandelenkapitaal   182       182    
Kapitaal stichting   241.777       241.603    
Onverdeeld resultaat   21.793            173    
        263.751       241.958
Kortlopende schulden
               
Nog te betalen rente en kosten bank   350            
Nog te betalen accountants en Advieskosten   1.452       1.723    
        1.802       1.723
Passiva       265.553       243.681

 

Staat van baten en lasten

    2024 (€)   2023 (€)
Ontvangen GMF en donaties       2.150       17.375
Verstrekte uitkeringen       4.710       12.990
Saldo       - 2.560       4.385
                 
Mutaties toevoeging voorziening leningen       3.863       2.690
Kantoorkosten   843       667    
Algemene kosten   3.279       6.244    
Totaal lasten       - 4.122       - 6.911
                  
Saldo baten en lasten       - 2.820       164
                 
Rentebaten en koersresultaat       24.612            9
                  
Resultaat       21.793       173


Algemene grondslagen voor verslaggeving
De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW en de Richtlijnen voor de jaarverslaggeving voor kleine rechtspersonen, die uitgegeven zijn door de Raad voor de Jaarverslaggeving.

Activa en passiva worden in het algemeen gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs of de actuele waarde. Indien geen specifieke waarderingsgrondslag is vermeld vindt waardering plaats tegen de verkrijgingsprijs.

Stelselwijzigingen
De cijfers van 2023 zijn, waar nodig, geherrubriceerd teneinde vergelijking met 2024 mogelijk te maken.

Grondslag van vorderingen
Vorderingen worden bij eerste verwerking gewaardeerd tegen de reële waarde van de tegenprestatie, inclusief de transactiekosten. Vorderingen worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Voorzieningen wegens oninbaarheid worden in mindering gebracht op de boekwaarde van de vordering.

Grondslag van kortlopende effecten
Beursgenoteerde effecten die onderdeel zijn van de handelsportefeuille worden gewaardeerd tegen actuele waarde (reële waarde). De reële waarde van beursgenoteerde effecten is gelijk aan de beurswaarde. Beursgenoteerde obligaties die geen onderdeel zijn van de handelsportefeuille worden gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs.

Andere dan beursgenoteerde effecten worden gewaardeerd tegen de (geamortiseerde) kostprijs of lagere actuele (reële) waarde. In dat laatste geval wordt de reële waarde benaderd met behulp van algemeen aanvaarde waarderingsmodellen en -technieken.

Waardevermeerderingen van op actuele waarde gewaardeerde effecten worden onmiddellijk in de staat van baten en lasten verwerkt. Waardeverminderingen van op actuele waarde gewaardeerde effecten worden eveneens onmiddellijk in de staat van baten en lasten verwerkt. Transactiekosten die direct zijn toe te rekenen aan de verwerving van de effecten worden direct in de staat van baten en lasten verwerkt.

Grondslag van liquide middelen
Liquide middelen bestaan uit kas, banktegoeden en deposito's met een looptijd korter dan twaalf maanden. Rekening-courantschulden bij banken zijn opgenomen onder schulden aan kredietinstellingen onder kortlopende schulden. Liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Grondslag van kortlopende schulden
Kortlopende schulden worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële waarde. Kortlopende schulden worden na eerste verwerking gewaardeerd tegen de bedragen waartegen de schuld moet worden afgelost.

Grondslagen voor de bepaling van het resultaat
Het resultaat wordt bepaald als het verschil tussen de opbrengstwaarde van de geleverde prestaties en de kosten en andere lasten over het jaar. De opbrengsten op transacties worden verantwoord in het jaar waarin zij zijn gerealiseerd.

Grondslagen van baten
Algemeen - Netto-omzet omvat de baten uit levering van goederen en diensten en gerealiseerde projectopbrengsten uit hoofde van onderhanden projecten onder aftrek van kortingen en dergelijke en van over de omzet geheven belastingen.

Verlenen van diensten - Verantwoording van baten uit de levering van diensten geschiedt naar rato van de geleverde prestaties, gebaseerd op de verrichte diensten tot aan de balansdatum in verhouding tot de in totaal te verrichten diensten.

Grondslagen van lasten
De kosten worden bepaald op historische basis en toegerekend aan het verslagjaar waarop zij betrekking hebben.

Grondslag van financiële baten en lasten
Rentebaten en rentelasten worden tijdsevenredig verwerkt, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de desbetreffende activa en passiva. Bij de verwerking van de rentelasten wordt rekening gehouden met de verantwoorde transactiekosten op de ontvangen leningen.